Actueel.

Column: Zwerven door mijn hoofd

Korte verhalen: Poep

zo 26 apr 2020 - Martin Reekers

Ik wou dat ik kon zwerven
door de wereld
in mooi weer
of in warme regen
De eerste stap vereist het lef
dat ik ontbeer...
Van echte durf beroofd,
kan ik enkel zwerven,
zwerven door mijn hoofd…


Poep
Het is weer zover. Ik word uitgenodigd om deel te nemen aan een bevolkingsonderzoek naar darmkanker. Om de twee jaar. Ik noem het de ‘strontbiënnale’. In een plastic enveloppe zit een plastic strip met een brief, een instructie voor het nemen van poepmonsters, een plastic buisje voor het monster een hard plastic beschermfoedraal voor het buisje en een plastic retourenveloppe. Kortom een berg plastic gestuurd door dezelfde overheid die zich zegt druk te maken over het milieu. Ik kan dat slecht rijmen. Net zo slecht als de zorgen die de overheid zich zegt te maken over de toenemende obesitas onder de bevolking terwijl de catering in ziekenhuis- en onderwijskantines ongehinderd wordt gegund aan in caloriebommen grossierende uitbaters. Daar zit stront aan de knikker zou ik zeggen, maar terug van de spreekwoordelijke naar de letterlijke stront.

De instructie leert mij dat ik eerst een bedje wc-papier in de pot moet leggen, want de drol mag niet nat worden. Eerst je plasje doen, want er mag ook geen urine bij. Het moet zuivere poep zijn waarin je dan met een in het buisje zittend borsteltje op verschillende plekken in de drol moet prikken. Een beetje poep volstaat, zegt de instructie. Dan het buisje in het foedraaltje en de enveloppe en meteen op de bus doen.

Ik stel mij dan voor wat de ontvangers van die buisjes en de onderzoekers van de inhoud ervan vertellen op een verjaardag als hen gevraagd wordt wat ze doen. Zouden ze zeggen: ”Ik doe in poep”? “Ja,  en dat is erg afwisselend werk hoor! Je wilt niet weten hoeveel poepvariaties er zijn. Zeven kleuren stront? Ha, er zijn er veel meer!” Zouden ze doen aan een soort visserslatijn? Zo van: ”Ik kreeg laatst poep, jongen, nou die was zo mooi schoon. Prachtig egaal lichtbruin en het was van een vent van 67.  Nou het zou net zo goed van een peuter geweest kunnen zijn!” “Ha, dat is niks!”, zegt dan een ander: “Ik had laatst een buisje dat zo erg meurde dat wij het lab moesten ontruimen. Niet te harden, man. Iedereen moest over z’n nek. Met een gasmasker op moest ik het onderzoeken en wat bleek: zuivere, gezonde poep! Ik schat het product van een overdosis bruine bonen!”

Poep onderzoeken om te zien of er stront aan de knikker is… een nobel en  misschien levensreddend beroep. Zou je koninklijk onderscheiden kunnen worden na 40 jaar trouw verricht poeponderzoek?  Zegt zo’n onderzoeker als hij een slechte beoordeling krijgt thuis aan de eettafel: ”Ik lever slecht werk? Ha, ik zal die chef van mij eens een poepje laten ruiken!” Ik zal het waarschijnlijk nooit weten. Ik wacht met zekere spanning de uitslag af in de hoop dat mijn poep niet leidt tot stront. In de wetenschap dat ook bij een gunstige uitslag er geen garanties zijn. Nou ja het is hooguit zo’n garantie waar de eerste de beste louche tweedehandsautohandelaar zich niet voor hoeft te schamen: garantie tot het einde van de straat!


Martin Reekers (1951) schrijft regelmatig voor LoopbaanVisiehet onafhankelijke vakblad voor professionele loopbaanadviseur en publiceert boeken binnen het domein mens en werk. Hij is tevens cartoonist. Cartoonisten proberen de werkelijkheid vanuit andere, vaak onverwachte, perspectieven te belichten. Precies dat probeert Martin ook met zijn columns te doen. Soms vederlicht met een vleugje absurdisme, soms wat meer filosofisch, maar altijd afgeblust met een scheutje humor.



Geef hieronder uw reactie op dit nieuwsitem

Leave this one empty:
Naam:
Don't fill in data here:
Reactie:
Don't put anythin in here:
Nog geen reacties geplaatst