Actueel.

Column: Zwerven door mijn hoofd

Korte verhalen: Wie ben ik?

ma 08 nov 2021 - Martin Reekers

Ik wou dat ik kon zwerven
door de wereld
in mooi weer
of in warme regen
De eerste stap vereist het lef
dat ik ontbeer...
Van echte durf beroofd,
kan ik enkel zwerven,
zwerven door mijn hoofd…

Wie ben ik?
"Je pense donc je suis", zei Descartes. ‘Ik denk dus ik ben’. Augustinus had al eens opgemerkt: “Si fallor sum”: als ik mij vergis ben ik. Tof van die jongens want ik denk nogal eens dat ik mij vergis, dus als iemand ìs dan ben ik het wel! Fijn om te weten dat je bent, maar ik kan er geen genoegen mee nemen. ‘Ik ben’ klinkt enigszins, hoe zal ik het zeggen, vegeterends, iets inactiefs, iets nutteloos. Ik wil daarom niet alleen weten dat ik ben, ik ben vooral nieuwsgierig naar wie ik ben. Wie ben ik? Wat stel ik voor? Wat maakt het uit of ik wel of niet op deze aarde heb rondgelopen? Je bent wat je eet dus misschien klopt het als je zegt: ’toon me je koelkast en ik zal je zeggen wie je bent’. Misschien ben ik met wie ik omga dus dan wordt het: ‘Toon mij je vrienden en ik zal je zeggen wie je bent’ Misschien is het de boekenkast in mijn chaotisch geordende werkkamer die het wie in mijn zijn verraadt. Alles zo overziend ontdek ik een rode draad. Je kunt zien wie ik ben in wat ik deed en doe: mijn daden!

Als ik kijk naar mijn daden zie ik dat ik er milieutechnisch behoorlijk toe doe. Voor de hoeveelheid pis en poep die mijn lijf door de jaren heen produceerde hoeft geen grootstedelijke mestvaalt zich te schamen. Mijn overgewichtig lijf contrasteert schril met de uitgemergelde gedaanten uit de vele minder bedeelde delen van de wereld. Je ziet dus goed dat ik me aardig tegoed heb gedaan aan wat zij tekort kwamen. Dat nog los van de hoeveelheid energie die ik consumeerde en de dieren die dankzij mij het leven lieten. Ik heb het dan over de kostenkant van mijn levensbalans. Die kostenkant is aanzienlijk!

Als ik naar de opbrengstenkant van mijn daden kijk, dus wat die hebben opgeleverd, dan heb ik eigenlijk alleen maar boodschappen geproduceerd. Letters, heel veel letters en afbeeldingen. Ik heb aan anderen dingen uitgelegd in de hoop dat ze daar iets mee konden. Ik heb inzichten gedeeld. Ik heb boeken en artikelen geschreven die zijn gepubliceerd zodat anderen ze kunnen lezen en ik heb cartoons getekend. Maar ja, wat draagt dat allemaal bij? Dat moeten anderen eigenlijk zeggen. Maar ja, wie kan ik opvoeren als referentie? Wie kent mij door en door?

Ik moet toch weten wat ik moet antwoorden als mijn schepper aan de hemelpoort zegt: “Ok, ik ben diep onder de indruk van wat je allemaal hebt verziekt en verkwanseld op die planeet die ik zo mooi geschapen heb. Nu ben ik razend benieuwd naar wat je er aan hebt bijgedragen. Kom vertel eens, voordat ik niet anders kan dan je in de eeuwige verdoemenis te storten!” Tja, dat wordt dan een lastig momentje.  

Alhoewel, misschien is het antwoord heel eenvoudig: ”Heer, U kunt mij googlen!”


Martin Reekers (1951) schrijft regelmatig voor LoopbaanVisie, het onafhankelijke vakblad voor professionele loopbaanadviseur en publiceert boeken binnen het domein mens en werk. Hij is tevens cartoonist. Cartoonisten proberen de werkelijkheid vanuit andere, vaak onverwachte, perspectieven te belichten. Precies dat probeert Martin ook met zijn columns te doen. Soms vederlicht met een vleugje absurdisme, soms wat meer filosofisch, maar altijd afgeblust met een scheutje humor.