Actueel.

Zwerven door mijn hoofd

Korte verhalen: Taal

do 28 nov 2019 - Martin Reekers

Ik wou dat ik kon zwerven
door de wereld
in mooi weer
of in warme regen
De eerste stap vereist het lef
dat ik ontbeer...
Van echte durf beroofd,
kan ik enkel zwerven,
zwerven door mijn hoofd…

Taal
Ik heb wel iets met taal. Ik goochel er graag mee. Een spelling- en grammaticafanaat ben ik niet, misschien wel omdat er bij mij ook nogal eens een foutje doorheen glipt, slipt of slibt. Toch erger ik mij soms aan c.q. irriteert het mij als dan als wordt en als dan. “Jan is groter dan Piet en even groot als Ineke”, wat mij betreft en er is geen data maar er zijn data beschikbaar over de gemiddelde lengte van de Nederlander. Verder hecht ik waarde aan het meisje dat verliefd is op de jongen die zo leuk gitaar speelt. Nee, ik hecht geen waarde aan het meisje, reden waarom grammatica soms toch handig is voor het begrijpen van de boodschap. Ach natuurlijk hecht ik ook waarde aan het meisje maar daar gaat het nu niet om. Zie je hoe moeilijk taal is?

Maar goed, taal leeft en fouten of vreemdsoortig woordgebruik die mij vandaag nog een soort van schaamte opleveren zijn morgen een soort van geaccepteerd en blijken overmorgen de regel. Een soort van… Bah, dat klinkt toch afschuwelijk? Dat geldt wat mij betreft voor de zin die ik laatst een jonge vrouw hoorde uitroepen bij een kunstwerk in een museum: “Wow wat vet! Dit is heel rewarding om naar te kijken ja.” Vast een mooie eclectische postmoderne manier van zinnen componeren, maar in mijn oren klinkt het als een Babylonische verhaspeling waar de gaten in je sokken van dicht krimpen.  

Tegelijkertijd verdwijnen er ook woorden. Als ik ‘archaïsch’ zeg, denken mensen aan Boer zoekt vrouw. Toen ik laatst thuis aan de telefoon het woord ‘ambigu’ gebruikte wilden mijn huisgenoten pas aannemen dat het een bestaand woord was toen ik dat met de Dikke van Dale in de hand bewees. En dat ik niet vanuit een dronken delirium, pardon ik bedoel: een soort van dronken delirium aan het lallen was.  

Maar niet alles is kommer en kwel in de taalvernieuwing. Denk niet dat ik behoudend ben! Ik kan de metrobestuurder waarderen die laatst mijn vocabulaire creatief aanvulde door te melden dat er: ”Niet wordt ‘gehalteerd’ op station Leidschenveen...” En zojuist hoorde ik op de autoradio een prachtige uitdrukking die nieuw voor me was: "Ze lachten zich de lul uit de broek." De bedoeling was mij direct glashelder, ondanks dat ik de uitvoering ervan nog niet meteen kon visualiseren. Mij lukte het in elk geval, ook na heftig proberen, niet om de uitdrukking in praktijk te brengen. Maar ja, ik zat in de auto en de zithouding leent er zich wellicht minder voor. Misschien ook had mijn gelach een te geringe impact en was deze niet voldoende meetbaar op de schaal van Homerus of zoiets. Ik zag vooralsnog, onafhankelijk van houding en lachkracht, blijvende praktische belemmeringen in de omgeving waarin mijn lul zich doorgaans bevindt. Peinzend vervolgde ik mijn weg. "Vanaf hier ritsen" tipte een bord langs de snelweg als betrof het een aanwijzing voor een oplossing.  Hmmm... ik gniffel me de kloten uit elkaar en schuif op naar een volgend plekje in mijn file. Wat fijn dat taal lééft!


Martin Reekers (1951) schrijft regelmatig voor LoopbaanVisie, het onafhankelijke vakblad voor professionele loopbaanadviseur en publiceert boeken binnen het domein mens en werk. Hij is tevens cartoonist. Cartoonisten proberen de werkelijkheid vanuit andere, vaak onverwachte, perspectieven te belichten. Precies dat probeert Martin ook met zijn columns te doen. Soms vederlicht met een vleugje absurdisme, soms wat meer filosofisch, maar altijd afgeblust met een scheutje humor.



Geef hieronder uw reactie op dit nieuwsitem

Leave this one empty:
Naam:
Don't fill in data here:
Reactie:
Don't put anythin in here:
Nog geen reacties geplaatst